Mariadistel

Mariadistel
Silybum marianum

Mariadistel wordt al duizenden jaren voor medicinale doeleinden gebruikt en in oude Griekse en Romeinse teksten genoemd. De distel behoort tot de Asterfamilie waartoe ook madeliefjes behoren en andere distels. Mariadistel komt veel voor in Noord-Amerika en kan wel 1,5 tot 3 meter hoog worden, met grote stekelige bladeren die een melkachtig sap afscheiden als je ze breekt. De distel heeft roze bloemen met scherpe uitsteeksels. In Europa wordt mariadistel als groente gegeten. De vruchten, zaden en blaadjes van de planten worden medicinaal gebruikt.

Toepassing
Mensen met diabetes type 2 gebruiken mariadistel om hun insulineresistentie te verbeteren. Onderzoeken hebben het positieve effect ervan echter niet aangetoond en regelmatig gebruik wordt niet aangeraden.

Mariadistel is wellicht het meest bekend voor de behandeling van leverfalen, zoals wordt veroorzaakt door alcoholische cirrose en acute en chronische virale hepatitis. Andere toepassingen zijn onder andere de behandeling van vergiftiging door Amanita phalloides (de groene knolammaniet, een soort paddestoel) en afzwakking van de giftige effecten voor de lever van bepaalde medicatie. Mariadistel wordt toegepast bij problemen met de baarmoeder en om de menstruatie te stimuleren. Sommigen gebruiken mariadistel om mogelijke effecten van leververgiftiging tegen te gaan, veroorzaakt door cholesterolsyntheseremmers zoals simvastatine (Zocor) of glitazonen zoals rosiglitazone (Avandia).

Dosering
Er is geen aanbevolen hoeveelheid mariadistel voor diabeten. Doseringen in onderzoeken varieerden van 280 tot 800 mg per dag. De gebruikelijke dosis bij leverziekten is driemaal daags 200 mg.

Mariadistel-extract moet 70% of 140 mg silymarine bevatten, een van de actieve chemische ingrediënten. Een ander chemisch ingrediënt (fosfatidylcholine) verbetert de absorptie, wat betekent dat mariadistelpreparaten die dit ingrediënt bevatten in een dagelijkse dosis van slechts 100 mg mag worden genomen. In Europa worden ook injecties met mariadistel gegeven.

Onderzoek
Onderzoeken naar mariadistel tegen leverziekten werden belemmerd door ernstige problemen met de onderzoeksopzet. Vaak zijn het zogenaamde open onderzoeken (zowel experimentator als proefpersonen kennen doel van het onderzoek en weten wie in welke conditie zit), betreffen het kleine aantallen patiënten, hebben ze geen controlegroepen, gebruiken ze verschillende doseringen en ontbreekt het aan goed gedefinieerde ‘eindpunten’ (doelstelling of gewenst effect van een onderzoek), of werken ze met verschillende gradaties van hevigheid van de leverziekte. Diverse studies hebben het effect van mariadistel op leveraandoeningen beoordeeld zonder doorslaggevende resultaten. Een recente beoordeling van klinische proefnemingen met patiënten met alcoholische leverziekte of hepatitis toonde aan dat mariadistel in kwalitatief hoogstaand klinisch onderzoek geen positieve impact heeft op levergerelateerde sterftecijfers. Ook zou mariadistel geen significante invloed hebben op het ziekteverloop van patiënten met hepatitis of alcoholgerelateerde ziekten.

  • Mariadistel werd beoordeeld in een gerandomiseerd, open experiment met 60 diabetes type 2- en cirrose-patiënten. Twee groepen patiënten die insuline gebruikten, werden met elkaar vergeleken. Een groep van 30 kreeg 12 maanden lang 600 mg silymarine per dag, en 30 patiënten kregen een placebo (neppil). Patiënten die mariadistel kregen, toonden een verbeterde nuchtere bloedglucose, dagelijkse bloedglucose, A1C, insulinedosis en nuchtere insuline.
  • In een afzonderlijke dubbelblinde studie van vier maanden werden 25 mensen met diabetes gerandomiseerd tot tweemaal daags 300 mg silymarine-zaadextract, en 26 werden ingedeeld bij een placebogroep. Silymarine werd toegevoegd aan de antidiabetica metformine en glibenclamide (hetzelfde als glyburide, een sulfonylureum). Na vier maanden nam de nuchtere bloedglucose significant af van 156 naar 133 mg/dl in de silymarine-groep en nam significant toe van 167 naar 188 mg/dl in de placebogroep. De silymarine-groep liet een afname van A1C zien van 7,8 naar 6,8% na 4 maanden en de placebogroep liet een toename zien van A1C van 8,3 naar 9,5%. LDL-cholesterol en triglyceriden namen ook significant af in de silymarine-groep.

Bijwerkingen en wisselwerking met geneesmiddelen
Hoge doses mariadistel kunnen diarree veroorzaken. Sommige patiënten hadden periodiek last van heftig transpireren, van buik-, maag- en darmklachten en terugkerende zwakte nadat met mariadistel gestopt werd en daarna weer begonnen. Andere bijwerkingen zijn mogelijke allergische reacties bij mensen die gevoelig zijn voor ambrosia, chrysanten, goudsbloem en madeliefjes.

Er zijn geen nadelige interacties gemeld met mariadistel. Gunstige interacties zijn onder andere terugdringing van de giftige werking van paracetamol (Tylenol), antipsychotica, halothaan en alcohol.

Nieuwe bijwerkingen worden gemeld; volgens sommige meldingen kan mariadistel bloedingen stimuleren wanneer het in combinatie met bloedverdunners wordt gebruikt; het kan ook de werking van oestrogeen verminderen.

Mariadistel zelf kan enige oestrogene activiteit hebben en moet door vrouwen met borst- of baarmoederkanker met de nodige voorzichtigheid worden gebruikt. Vanwege de actuele informatie over de wisselwerking van mariadistel met geneesmiddelen dien je je huisarts te laten weten dat je dit voedingssupplement gebruikt.